• Het molenmakersbedrijf Poland

    een ambachtelijke traditie van 130 jaar in Heerhugowaard

    Een bekende naam in de molenwereld: molenmakersbedrijf Poland te Heerhugowaard.
    In Noord-Holland is een vijftal molenmakersbedrijven overgebleven.
    Poland is een van de oudste, zo niet het oudste.
    Dirk Poland legde in de vorige eeuw een stevig fundament voor het familiebedrijf waarin thans de vijfde generatie actief is.

    Het woonhuis met molenmakerswerf en zaagmolentje (later vervangen door een gloeikopmotor op petroleum) van de firma Poland te Heerhugowaard.
    Deze foto is vanaf de Oostdijk genomen torsen 1903 en 1912.
    Hier vestigde Dirk Poland, de eerste molenmaker Poland, zich 130 jaar geleden.
    Vanuit dit pand werken nu de vierde en vijfde generatie als molenmaker.
    Op de foto het gezin van Antje Klaver, weduwe van de in 1903 overleden Dirk Poland.
    Voorts enkele buren. In de kapwagen zitten Jansje en Wouter, twee van de zes kinderen van Dirk en Antje Poland-Klaver.
    Achter het paard Kees Amels, en Jannetje Amels (de bakkersvrouw).
    Voorts van links naar rechts zoon Jan Poland, zoon Cees Poland, Piet Amels, Antje Klaver, Cees Dekker, zijn vrouw Mietje Borst en dochter Neeltje Dekker.
    (foto privébezit Jan Poland)

    De ontstaansgeschiedenis van het bedrijf Poland voert terug tot 1865, toen Dirk Poland een 'huis staande aan de omringdijk van de Heerhugowaard ten noorden van de Hondenweg' (de Oostdijk, in buurtschap De Draai) kocht van zijn broer Cornelis.
    Deze aankoop - 130 jaar geleden - luidde het begin in van het molenmakersbedrijf Poland.
    Dirk Poland (1831-1903) was timmerman-molenmaker aan de Draai.
    Zijn ambachtelijk werk wordt heden ten dage in hetzelfde pand voortgezet door Jan Poland, 'molenrestaurateur'.
    Diens broers Dirk en Cees vestigden zich als aannemers-molenmakers in Oterleek.In 130 jaar van molenbouwer tot molenrestaurateur:
    dit verschil in aanduiding verraadt een ingrijpende ontwikkeling in de waterstaatkundige historie van ons laag gelegen landje.
    Godzijdank heeft de mechanische bemaling niet alle beeldbepalende wiekendragers doen verdwijnen.
    Anders had molenmakersbedrijf Poland niet meer bestaan.
    Echter, geheel nieuwe molens bouwen - zoals grondlegger Dirk Poland heeft gedaan - zit er voor de broers Jan, Dirk en Cees niet meer in.
    Een enkele keer herbouw, meestentijds restauraties en herstellingen.

  • Watermolenaar

    Geboren en overleden in Heerhugowaard was Dirk, de eerste molenmaker Poland, aanvankelijk watermolenaar.
    Hij zat op de meest westelijke van de toen nog vier strijkmolens bij Rustenburg, op de rand van Heerhugowaard.
    Deze molen, de L., staat er nog, maar is sinds 1941 buiten gebruik.
    Dirk werkte als molenaar tevens bij zijn enige broer Cornelis (1827-1880).
    Die had een timmerziaak en schuitemakerijtje aan de Oostdijk. Dirk nam dit in 1865 over.
    Dirk Poland is de eerste Poland als molenmaker. Zijn vader was Klaas (1791-1854).
    Klaas Poland, getrouwd met Bregje Jans Geldebos, was watermolenaar op een van de strijkmolens bij Rustenburg, vermoedelijk molen L., omdat zoon Dirk hem als strijkmolenaar opvolgde.
    Klaas was een zoon van Cornelis Poland (1757-1826), geboren in Ursem en overleden in Heerhugowaard.
    Voor fl 1200,- kocht Dirk Poland in 1865 de zaak aan de Oostdijk.
    Zijn broer Cornelis had in 1856 op een publieke verkoping in herberg De Zwaan in Heerhugowaard (thans café De Swan) het huis gekocht voor ƒ 510,-
    Timmerman Cornelis Poland herbouwde het in 1862.
    Het huidige onderkomen van molenrestaurateur Jan Poland is dus ruim 130 jaar oud.
    Met de verhuizing van broer Dirk van de strijkmolen bij Rustenburg naar De Draai vertrok Cornelis naar Heiloo, waar hij een timmermanszaak had overgenomen.
    Later vestigde hij zich aan de Huygendijk in Oudorp.
    Aan De Draai begon Dirk Poland zich meer en meer te richten op de molenmakerij.
    Hij bouwde in 1896 de nieuwe, en nog bestaande, Dorregeestermolen naar ontwerp van de Zaanse molenbouwers Vredenduin.
    Deze molen werd geheel in onderdelen gereed gemaakt te Heerhugowaard en naar Uitgeest gebracht.
    In dezelfde periode ontwierp Dirk Poland de nog bestaande Philisteinse Molen onder Bergen.
    Deze achtkante binnenkruier is in 1897 gebouwd door een collega van Poland, Pieter Bregman uit Oudorp. Bregman bouwde toen de vijzelwatermolen nadat de vorige molen op deze plek was afgebrand door blikseminslag.
    Ontwerper Poland was tevens opzichter bij de bouw. De Heerhugowaarder was ook buiten Noord-Holland actief.
    Zo bouwde hij eind vorig eeuw in Zierikzee een windmolen.
    Poland sloot in 1890 een contract met het Waterschap Schouwen voor het leveren van een vijzelmolen, geschikt om een oppervlakte land te bemalen van ruim twintig ha.
    In het bewaard gebleven contract tussen de molenmaker en het waterschap werd bepaald dat 'de vijzel een middellijn verkrijge van 70 cm binnenwerk gemeten'.

  • Kraanzaag

    Tot zijn dood was Dirk Poland werkzaam in de molenmakerij.
    Hij stierf op 2 februari 1903, op 71 -jarige leeftijd.
    Hij zal kort betrokken zijn geweest bij de bouw in het jaar van zijn overlijden van de nieuwe molen nr. 2 van de Buikslotermeer bij Buiksloot.
    Voor deze grote watermolen moesten balken worden gezaagd van tachtig centimeter doorsnede.
    Dat gebeurde met de hand, met gebruik van een kraanzaag. Eén persoon stond in een gat onder de balk, de ander stond boven.
    Op deze wijze werd een grote trekzaag door de balk gehaald. Zoons van Dirk Poland zouden later zelf een mechanische raamzaag ontwerpen.

    Dirk Poland †(1831-1903) en zijn vrouw Antje Klaver †(1836-1911). Dirk is de grondlegger van het molemakersbedrijf Poland. (foto privébezit Jan Poland)

  • Voor de bouw van de Buikslotermolen waren er vijftien inschrijvers, onder wie Simon Wijte uit Hensbroek.
    Die wilde de klus aannemen voor ƒ 18.110. Het karwei werd gegund aan Poland, die inschreef op ƒ 18.050.
    Voor het timmerwerk waren benodigd veertien bindstijlen, drie wiggen, een eiken windpeluw en voor de roeden achttien vurenhouten klompen.
    Dirk Poland, geboren op 21 april 1831 te Heerhugowaard, was getrouwd met Antje Klaver uit Rustenburg.
    Zij was geboren op 23 juli 1836 en is op 15 februari 1911 overleden in Heerhugowaard. Zij was acht jaar weduwe.
    Het echtpaar Dirk Poland en Antje Klaver kreeg zeven kinderen, van wie zes zoons.Vijf van hen volgden in vaders voetsporen. Dat waren Jan, Cees, Wouter, Wijert en Engel.
    De andere zoon was Klaas, de oudste van de zeven kinderen van Dirk en Antje. Hij was al vroeg de deur uit. Klaas ging 'liever poppetjes tekenen dan vader helpen'.
    De Heerhugowaarder (1862-1949) werd kunstschilder. Hij is nog geboren in strijkmolen L. bij Rustenburg. Deze strijkmolens behoorden eeuwenlang tot het grondgebied van eerhugowaard.
    Vanaf 1 januari 1993 staan ze in de gemeente Schermer.
    Aanvankelijk zetten drie zoons het bedrijf van vader Dirk voort. Dat waren Jan (1867- 1912), Cees (1872-1956) en Wouter (1876-1956).
    Ze woonden samen in het ouderlijk huis aan de Draai aan de Oostdijk, een stolpje, waar ze allen ook zijn geboren.
    Deze drie zoons bleven ongehuwd. Zij werkten vanuit de houten werkplaats achter het stolpje. Op de werkplaats stond een kleine wiphoutzaagmolen.
    Omstreeks de Eerste Wereldoorlog is de windkracht vervangen door een petroleummotor, waarna van het molentje nog een tijd de ondertoren is blijven staan.
    Gehuwde zoon Wijert Poland (1865-1961) voegde zich rond 1910 bij zijn drie broers aan de Draai. Hij had eerst elders in de molenmakerij gewerkt, onder andere als bedrijfsleider in Warmond. Via Uitgeest en Akersloot keerde hij terug in Heerhugowaard. Ook Wijert gold als een vakman.

  • Weemoed

    De vier broers Poland richtten zich niet alleen op molens. Zij bouwden als timmerman ook nieuwe boerderijen en huizen.  Vanaf 1912 waren de gebroeders Poland met z'n drieën. In dat jaar overleed Jan. Een jaar eerder, in 1911, was hij benoemd tot lid-secretatis van de polder Heerhugowaard.  De naam Poland komt vaker voor in de bestuurlijke historie van de polder Heerhugowaard.Broer Cees werd in 1916 hoofdingeland.  De gebroeders Poland - Cees, Wouter en Wijert - sloopten soms molens.  Hierbij was het hen vooral te doen om de onderdelen. Zo sloopten zij in 1928 de molen van de Groetpolder bij Winkel.  De taak van de molen was al in 1912 overgenomen door een nieuw dieselgemaal.  De hoge kosten verhinderden dat de molen kon worden behouden als aandenken van de droogmaking van deze polder, ingedijkt in 1844.  Bij inschrijving werd de molen in 1928 zonder fundering voor ƒ 125,- verkocht aan de gebroeders Poland.  Met welk een weemoed de Polanden hun klus aanvingen, bleek uit een gedicht dat de gebroeders hadden gevoegd bij hun inschrijvingsbiljet aan het bestuur van de Polder Waard en Groet:

    "Wij hooren hierbij de molen zeggen:
      voor een terug van 80jaren
      zag men vol verlangen staren
      naar het voltooien mijner bouw
      Nooit heeft men hiervan gehad berouw
      Voor ik hier stond wat gewoel
      Alles was een groote waterpoel
      En door het toonen mijner krachten
      bleef het niet slechts bij verwachtten
      En kwam boven vruchtbaar land
      waarop men leven in goeden stand
      om kort te gaan wat krijg ik nu voor loon
      Mag ik nu van U allen
      onder sloopershanden vallen?
      Met het sieraad van voorheen
      spot nu bijna iedereen?
      Ach Heeren, laat mij toch leven
      Ik ben nog even krachtig als voorheen
      En kan nog wel eeuwen dienen
      Als gij mij Uw hulp wil lienen
      Ik ben nog even vrolijk in mijn doen
      Waren wij weleer niet Hollandsch roem?"

    Ondertekend met. gebr. Poland HHWaard.

  • Cees Poland bedacht een belangrijke verbetering in de molenbouw. De uitvinding had betrekking op het kruitouw. Het kruitouw wond zich bij sommige molens bij het kruien steeds verder buitenwaarts om de as in zwaar tegen elkaar drukkende en wrijvende gangen (gangen, kammen of staven in een tandwiel). Cees Poland had als middel tegen de daaruit ontstane grote slijtage de kruisas van de Hensbroeker molen voorzien van een niet 'klassieke' rechtsgangig omgaande holle groef, waarin het touw zich legde en minder wreef. Onder molenkenners geldt deze verandering als een 'reuzeverbetering'. De uitvinding van Cees Poland wordt genoemd in het boek 'Molenbouw, het staande werk van de bovenkruiers'. Dit boek van Anton Sipman, een boerenzoon uit de Anna Paulownapolder, verscheen in 1975 en geldt als het standaardwerk op het gebied van de molenbouw.

    Verdekkeren

    Jan Poland (1906), de derde generatie, nam in 1945 het molenmakersbedrijf van zijn ooms aan de Oostdijk in Heerhugowaard over. (foto Martin Mooij) Het molenmakersbedrijf van de drie ongetrouwd gebleven gebroeders Poland werd in 1945, kort na de oorlog, overgenomen door een oomzegger. Dat was Johannes Theodorus Poland. Deze Jan Poland (geboren in 1906) is een zoon van Engel Poland en Cornelia de Zeeuw. Engel Poland (1869-1950) is één van de zes zoons van Dirk Poland, de grondlegger van het Heerhugowaardse molenmakersbedrijf. Net als zijn broers Jan, Cees, Wouter en Wijert volgde Engel zijn vader in het molenmakersvak. Rond 1895 vertrok Engel naar Akersloot, waar hij een verlopen timmersmanszaak overnam. Meer en meer verrichtte hij onderhoudswerk aan molens in de omgeving. Soms schakelden zijn broers in Heerhugowaard hem in. Zo was Engel betrokken bij de bouw in 1896 van de Dorregeester molen en de molen van de polder Buikslotermeer in 1903. Voordat de in Akersloot geboren Jan Poland in 1945 het bedrijf van zijn ooms aan de Draai overnam werkte hij al zo nu en dan met hen samen. Zo ging hij met zijn ooms Cees en Wijert op pad om diverse molens te "verdekkeren'. De Dekkerwiek is een gemoderniseerde, gestroomlijnde wiekvorm genoemd naar de ontwerper, de ervaren molenmaker Dekker uit Leiden.

  • Deze stroomlijnwieken waren het resultaat van een prijsvraag die de vereniging De Hollandsche Molen uitschreef in 1924. Deze prijsvraag moest leiden tot verbeteringen aan de oude windmaalwerktuigen. Een verbeterde windmolen met een hoger nuttig effect zou door de grotere capaciteit de concurrentie beter kunnen volhouden. De poldermolen had begin deze eeuw te duchten van windmotoren, zoals de Amerikaanse windmotoren en de Noordhollandse Hercules windmotoren.

    Na de ontwikkeling van de gestroomlijnde wieken werden tal van molens 'verdekkerd'. De firma Poland had hiervoor het licentierecht gekregen voor de boven het IJ gelegen Noordhollandse molens.

    Jan Poland kocht kort na de oorlog het huis met loods en werkplaats aan de Oostdijk van zijn ooms. Hij nam voorts over een vlak- en vadiktebank, freesbank, langgatboor, cirkelzaag, raamzaag, motor van twaalf pk en een slijpinrichting. Huis, loods en werkplaats stonden op naam van zijn ooms Cees en Wouter, de derde oom (Wijert) was geen mede-eigenaar. Mede-eigenaar was wel tante Jansje (1876-1956). Zij was een van de zeven kinderen van grondlegger Dirk Poland; de enige dochter. Ook zij bleef ongetrouwd.

    Aanvankelijk verrichtte Jan Poland vanuit De Draai behalve molenmakers- en burgertimmersmanswerk vaak onderhoudswerk voor polders, zoals aan sluizen, duikers en schoeiingen. Later kwamen vrijwel alle activiteiten te liggen op molenherstel.

    Jan Poland en zijn vrouw Anna Stanek (Oostenrijkse van geboorte) kregen vijf zoons: Ed (1937), Jan (1941), Karel (1944), Dirk (1948) en Cees (1951). Ed en Karel verdienen hun brood buiten het molenmakersvak. Ed woont in Broek op Langedijk en is lasser. Huisschilder Karel is in Heerhugowaard gebleven.